Op de valreep voor het weekend publiceerde het Ministerie van Volkshuisvesting en ruimtelijke ordening een kamerbrief met de volgende voorgenomen ingrijpende wijzigingen in het huurrecht van woonruimte:
- Shortstay (huur 'naar zijn aard van korte duur') wordt beperkt tot maximaal dertig dagen, met handhaving door gemeente.
- Eenmalige verlenging van tijdelijke huurovereenkomsten binnen de maximale looptijd van twee jaar.
- Tijdelijke huurovereenkomsten van maximaal twee jaar voor de arbeidsmigranten door hen toe te voegen aan de uitzonderingscategorieën.
- Nieuwe opzeggingsgrond voor vaste huurovereenkomsten op het eigen terrein van werkgevers.
Wanneer de voorgenomen wijzigingen in werking zouden moeten treden is niet bekend, maar de maatregelen gaan begin 2026 ter internetconsultatie.
Hieronder volgt een korte toelichting op de wijzigingen.
Maximale duur van shortstay (huur naar zijn aard van korte duur) van 30 dagen
Dit is de meest ingrijpende wijziging. De uitzondering ‘huur naar zijn aard van korte duur’, ook wel bekend als shortstay, wordt teruggebracht tot een maximale periode van dertig dagen. Daarmee verdwijnt de mogelijkheid om shortstay verhuur voor langere periodes buiten de reguliere huurbescherming en huurprijshuurbescherming te laten vallen. Deze contractvorm wordt nu nog veel gebruikt voor bijvoorbeeld expats, internationale studenten en seizoensarbeiders.
Voor verhuurders betekent dit dat huurovereenkomsten voor langer dan dertig dagen onder de volledige huurbescherming én huurprijsbescherming vallen.
De Wet goed verhuurderschap wordt aangepast zodat gemeenten toezicht kunnen houden op het juiste gebruik van shortstay huurovereenkomsten. Zij krijgen de bevoegdheid om bestuursrechtelijk te handhaven, bijvoorbeeld via boetes of een last onder dwangsom.
Tijdelijke huurovereenkomsten voor arbeidsmigranten
Het kabinet introduceert de mogelijkheid om tijdelijke huurovereenkomsten te sluiten met arbeidsmigranten, maar onder strikte voorwaarden. De huisvesting moet voldoen aan de Roemer-norm: een eigen slaapkamer van minimaal 5,5 m², minimaal 15 m² leefruimte per persoon en alle voorzieningen onder één dak. Daarnaast is certificering verplicht, zodat kwaliteit aantoonbaar wordt geborgd.
Deze maatregel heeft een dubbele werking: het biedt verhuurders enige flexibiliteit in een markt waar vaste contracten de norm zijn, maar grote behoefte is aan de tijdelijke huisvesting van arbeidsmigranten terwijl tegelijkertijd een stevige kwaliteitslat wordt gelegd. Het kabinet koppelt deze normering aan bestaande keurmerken zoals SNF en AKF, maar benadrukt dat deze op termijn moeten aansluiten bij de Roemer-norm. Dit kan leiden tot een herijking van bestaande certificeringsprocessen en extra kosten voor verhuurders.
Heel flexibel is deze vorm van huur overigens niet, want de termijn van de huurovereenkomst moet vooraf al grotendeels duidelijk zijn: voortijdige beëindiging is niet mogelijk en verlenging kan maar eenmaal binnen de maximale termijn van twee jaar.
Eenmalige verlenging van tijdelijke huurovereenkomsten
Binnen de maximale looptijd van twee jaar mag een tijdelijke huurovereenkomst één keer worden verlengd. Dit biedt verhuurders die tijdelijk woonruimte aan de uitzonderingscategorieën verhuren meer flexibiliteit. De verlenging mag echter niet leiden tot een totale duur van de huurovereenkomst van meer dan twee jaar. Wordt deze grens overschreden, dan verandert de huurovereenkomst automatisch in een contract voor onbepaalde tijd met volledige huurbescherming.
Voor verhuurders is het cruciaal om deze verlenging juridisch correct vast te leggen en tijdig te communiceren. Het kabinet benadrukt dat de verhuurder minimaal één tot drie maanden voor afloop van het contract de huurder schriftelijk moet informeren over het einde van de huurperiode.
Extra opzeggingsgrond voor huurovereenkomsten op eigen terrein
Werkgevers die werknemers huisvesten op eigen terrein krijgen een nieuwe wettelijke opzeggingsgrond. Hiermee kan een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd worden beëindigd zodra de arbeidsrelatie eindigt en de woning nodig is voor een nieuwe werknemer. Dit geldt niet alleen voor arbeidsmigranten, maar voor alle werknemers. De voorgestelde opzeggingsgrond geldt uitsluitend in de situatie dat er sprake is van een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd, bijvoorbeeld omdat de werknemer geen arbeidsmigrant is of omdat een tijdelijke huurovereenkomst met een arbeidsmigrant langer dan twee jaar heeft geduurd, waardoor deze is overgegaan in een huurovereenkomst voor onbepaalde tijd
Deze wijziging speelt in op een praktijkprobleem: op dit moment ontbreekt een specifieke opzeggingsgrond, waardoor werkgevers vaak vastzitten aan langdurige contracten, zelfs als de werknemer niet meer in dienst is. De nieuwe regeling biedt meer zekerheid voor bedrijfscontinuïteit en maakt het mogelijk om huisvesting op eigen terrein efficiënt te blijven inzetten.
Voor verhuurders en werkgevers betekent dit echter niet dat opzegging zonder voorwaarden kan. De huurder behoudt huurbescherming: er moet een redelijke termijn worden geboden om vervangende woonruimte te vinden.
Internetconsultatie begin 2026
Het is de bedoeling dat de maatregelen begin 2026 ter internetconsultatie gaan. Na de internetconsultatie zal de Raad van State om advies worden gevraagd, waarna het wetsvoorstel zal worden aangeboden aan de Tweede Kamer en vervolgens de Eerste Kamer.
Lees de volledige kamerbrief hier


